De identiteitsstrijd van een expat

door Kriti Toshniwal

‘Voel je je meer Indiaas of Nederlands?’ vroeg een vriendin me onlangs. We waren met een gezelschap van zes -twee Nederlanders, twee Duitsers, een Amerikaan en ikzelf-, intens genietend van een stevige maaltijd doorspekt van knoflook en kurkuma in een Tibetaans restaurant aan de Zeedijk, het multinationale hart van Amsterdam. Eten is misschien wel hét onderwerp dat moeiteloos alle grenzen overstijgt. Aan tafel had ik net geopperd hoe iemand met Indiaas bloed, zelfs een tweede of derde generatie immigrant, altijd een voorliefde zal koesteren voor goed gekruid en pittig eten. Eerlijk gezegd was ik op aan het scheppen over hoe ik ben opgegroeid met het eten van rauwe groene pepers in India.

Toen mijn vriendin deze vraag stelde, moest ik mijn culinaire avontuur van dat moment onderbreken. Er kwamen verschillende gedachten in mij op. Maar omdat onze monden ook druk bezig waren met de dampende schotels voor ons, besloot ik om het kort te houden. ‘Geen van beide,’ antwoordde ik, ‘ik voel me niet erg Indiaas of Nederlands eigenlijk,’ en ik liet het daarbij. Toch nam ik de kwestie met mij naar huis. Immers, identiteit is een onderwerp dat voortdurend leeft in de harten en geesten van ons expats en immigranten. Temeer omdat we weten dat vragen over identiteit geen eenvoudig antwoord kennen; geen duidelijke zwart-wit afbakeningen.

“Identiteit is een onderwerp dat voortdurend leeft in de harten en geesten van ons expats en immigranten.”

Een vloeibare identiteit

Neem mij bijvoorbeeld. Ik ben geboren in India, en gedurende aan aantal jaar opgegroeid in het Midden-Oosten. Ik ging naar een internationale school in Dubai, zelf een stad met een unieke mix van tijdelijke bewoners van over de hele wereld. Ik ontmoette mijn Nederlandse man in India en verhuisde acht jaar geleden naar Nederland. Inmiddels hebben een aantal van mijn vrienden in India een vergelijkbaar patroon gevolgd en zijn geëmigreerd naar de Verenigde Staten. Een aantal van de vrienden die ik inmiddels heb gemaakt hier in Europa komen uit Oost-Azië, een cultuur die ik nauwelijks kende voordat ik hier kwam, met uitzondering van enkele stereotypische grappen over hoe ze elk bewegend ding eten en onvermijdelijk namen hebben als Chen, Chan of Chang.

Dus ben ik nu meer Indiaas of Nederlands? Zoveel jaar in het buitenland wonend heeft niet alleen de manier veranderd waarop ik naar de wereld kijk, maar ook de manier waarop ik mezelf zie. Mijn identiteit voelt nu als een vreemd allegaartje van ideeën en overtuigingen die ik heb verzameld uit verschillende landen en culturen. Toch, en juist misschien hierom, voel ik me alsof ik tot geen van elk van deze culturen volledig behoor. Ik voel me niet helemaal Indiaas, noch helemaal Nederlands.

Wat ik heb opgepikt is meer een soort ‘vloeibare identiteit’ die zich vormt naar de context van dat moment. Ik voel me vaak als een kameleon, die het karakter van zijn omgeving aanneemt. Als ik bij Indiërs ben, ik doe als de Indies doen. Als ik bij Nederlanders ben, werk ik hard om me aan te passen en probeer ik ‘gewoon normaal te doen’. En in mijn internationale gemengde groep van vrienden, neem ik het easy-going karakter van de ‘international’ aan.

“Ik voel me vaak als een kameleon, die het karakter van zijn omgeving aanneemt.”

Kameleon zijn

Natuurlijk is de kameleon geen gemakkelijke schepsel om te zijn. Sommige mensen zijn er van nature goed in. Ik had een vriendin in India die zich thuis traditioneel kleedde om haar grootouders verwachtingen te voldoen. Zodra we buiten waren, werden haar korte rok en mouwloze blouse die zij onder haar traditionele kleding droeg geopenbaard. Ik was nooit erg goed in zo’n snelle persoonlijkheids-make-overs. Het heeft me veel tijd en oefening gekost om makkelijk tussen verschillende culturen te bewegen en het is nog steeds work-in-progress.

Een ander probleem met een kameleon zijn is dat het niet een erg aantrekkelijk dier is. Ik bedoel niet de grote bolle ogen en de lange hagedissentong, maar het feit dat we als individuen vaak proberen om de kern van onze identiteit te vinden. Wie zijn we echt? En een persoon die altijd meeverandert met de omgeving is iemand die we zien als verloren of nep.

Onze traditionele kijk op authenticiteit vraagt van ons dat we onze ware innerlijke zelf vinden. Maar misschien is dit een te simplistisch, verouderd en enigszins misplaatst begrip in de complexe en voortdurend veranderende wereld die we bewonen. Immers, is evolutie niet juist altijd in het voordeel van de degenen die in staat zijn zich aan te passen aan hun veranderende omgeving?

Misschien is het tijd om te stoppen met proberen om onze ene ware zelf te identificeren of te worden, maar om openlijk onze kameleon aard te omarmen en te koesteren. Zeker als expat. Mijn kracht is dat ik leer en aanpas en verander. Ik ben niet één ding. Er zijn vele tinten in mij.

Kriti Toshniwal

 

Deze gastblog is geschreven door Kriti Toshniwal en vertaald door haar man Mark Bos. Kriti komt uit India en woont met haar man in Amsterdam. Ze schrijft verhalen over het stadsleven op haar persoonlijke blogpagina:

https://cityportraitsblog.wordpress.com